maandag 14 november 2011

DT-3 verslag

Het laatste DT-weekend was relatief kort maar (zeer) krachtig. Het hing overigens aan een zijden draadje of ik überhaupt meekon maar met dank aan schoonvader Anne (waarvoor nog steeds ongelooflijk veel dank!) bleek het uiteindelijk mogelijk om zaterdagochtend samen met de gebroeders Harm en Geert Dijkstra de oversteek te maken. Er waren nog leuke vogels op het eiland blijven hangen waardoor het een mooi vooruitzicht was om Vlieland te bezoeken.

In de Waddenzee waren een jager spec. en vervolgens een grote jager het enigszins magere hoogtepunt, dit veranderde echter snel toen we voet op vaste wal zetten. De bagage werd snel bij hotel De Veerman gestald, 3 fietsen werden gehuurd en het was op naar de bruine boszanger die al enkele dagen nabij de waterzuivering verbleef. Ik heb de soort al in Nederland en ook al in Friesland (een paar jaar geleden, ook op Vlieland) maar voor de Dijkstra boys was de soort natuurlijk helemaal nieuw.
De vogel werd uiteindelijk leuk een paar keer gehoord maar werd slechts matig gezien. Er werd een uur lang met veel geduld gewacht en getuurd maar uiteindelijk liet de vogel zich niet beter zien. De vogel was echter “in the pocket”, we konden dus met een gerust hart door naar de volgende attracties; roze spreeuw en witbandkruisbek. De roze spreeuw deed even moeilijk maar was uiteindelijk redelijk te zien.



Later op de dag werd de vogel nog beter gezien maar ook deze kon door de D-boys worden bijgeschreven, weer een nieuwe soort! De witbandkruisbek (eentje dit keer) werd door de heer H. Dijkstra hoogstpersoonlijk uit de bosjes (of eerlijk gezegd vanaf een kale stronk) getrokken en liet zich vervolgens aan alle aanwezigen uitstekend zien. Deze keer konden in tegenstelling tot het vorige DT-weekend een paar plaatjes worden gemaakt. Geen Pullitzer-price-materiaal maar betere dan dat ik tot nu toe had (geen….).



We waren nog aan het nagenieten van deze prachtige witbandkruisbek toen er een spannende piep binnenkwam; een raddes boszanger zou zijn gezien in de bosjes achter de nieuwe eendenkooi. De boodschap was helder; fietsen!! Met een groepje wisselend in samenstelling vanwege de hoge snelheid werd met behulp van navigator Geert de locatie redelijk eenvoudig gevonden. Op het pad richting “de plek” werden diverse opgetogen gezichten gezien wat zou moeten duiden op positieve berichten. Inderdaad was dit het geval; de vogel liet zich bij tijd en wijle uitstekend zien en er konden zelfs van deze als skulkend bekend staande vogel leuke foto’s worden genomen. Pieter (van Veelen), bedankt!





Dit betekende niet alleen een nieuwe soort voor de Dijkstra’s maar ook voor ondergetekende! Zowel in 2008 (Vlieland) als in 2009 (Katwijk) had ik de vogel gedipt dus het gezegde 3 x is scheepsrecht ging weer eens mooi op. De high 5’s gingen over en weer en er werd volop genoten. Binnen een luttele 3 uur hadden we een aantal behoorlijk zware soorten “in de tas”, het weekend was hiermee natuurlijk helemaal geslaagd!

De rest van de dag werd nagenoten van al het moois wat we hadden gezien en alles werd gelardeerd met soorten als grote gele kwikstaart, diverse ruigpootbuizerds (met ook weer leuke fotomomenten) en boomleeuwerik. Dat de dag nog beter had kunnen worden werd voor lief genomen. Twee meldingen van een Siberische boompieper en een melding van een mogelijke Petsjorapieper deden de hartslag verhogen maar ondanks zoeken naar de SiBoPi nabij Bomenland en het op een hoog duin posten voor de Petsjora leverde dit niets concreets op. Er werd echter geen traan om gelaten (maar jammer was het wel). De dag werd samen met Toy en Alwin afgesloten met een lekker hapje in Zeezicht en een afzakkertje in Tante Pé. Wat een dag!!



De volgende dag was opstaan, zoals gebruikelijk op de tweede dag, wat zwaarder dan normaal maar mooi op tijd zaten we aan het overheerlijk uitziende ontbijt in de ontbijtzaal van De Veerman. Er werd goed gegeten en een lunchpakketje werd klaargemaakt voor onderweg.
Zoals wel vaker besloten we de Noordoosthoek eerst maar eens onder handen te nemen en gedrieën werd de zeereep “gesweept”. Harm vond al snel een fraaie maar dodelijk vermoeid ogende sneeuwgors, er dobberden wat zeekoeten in het water en verderop richting Noordzee werd een toch nog lastige roodkeelduiker gevonden. Helaas konden wij de door velen gemelde ijsduiker niet meer terugvinden. Ook lukte het niet om een rosse franjepoot te tackelen. Tapuiten kleurden het strand af en toe, veel graspiepers vlogen op en over en nog steeds was er aardige trek van lijsters, vooral koperwiek, zanglijster, merel en kramsvogel. Een paar bontbekjes werden goed bestudeerd voor het geval dat en een drieteenstrandloper liep aan de waterlijn maar te ver weg om leuk op de gevoelige plaat te worden gezet.

Het absolute hoogtepunt van de dag was de (wederom door Harm) ontdekte papegaaiduiker waarvan ik nog een spreekwoordelijk staartje en Geert een nog iets kleiner staartje kon meepikken. Harm had de vogel leuk gezien en zelfs de snavel leuk door de verrekijker kunnen bekijken. Jammer dat we de telescoop niet bij ons hadden want de vogel vloog op slechts enkele meters van het strand over en door de branding en was dus goed te bekijken vanaf het duin waar wij op liepen.

Verdere hoogtepunten waren schaars; een blauwborst in het helmgras, wat overvliegende kruisbekken her en der en diverse overvliegende veldleeuweriken. Het werd nog even spannend toen we op bokjesjacht iets ten Westen van Duinkersoord op een KBV-tje (Klein Bruin Vogeltje) stuitten. Het leek eerst op een winterkoning maar was het zeker niet, later toen we de vogel een paar keer omhoog hadden zien gaan werd het spannender en spannender omdat ik toch echt meende een sprinkhaanzanger-achtige te zien met rossige stuit/staart die wat vlekkerig overkwam in het veld.

Ik zou zeggen; kijk even mee en open de ANWB-gids op bladzijde 316/317 (nieuwe boek) bij het hoofdstuk over sprinkhaanzangers……

We kregen versterking met zoeken van Mark de Vries en z’n twee metgezellen waardoor we met 6 man sterk het gebiedje tig keer zeer grondig uitkamden. Ondanks verwoed zoeken leverde dit echter niets meer op, onbegrijpelijk! De vogel werd in het begin een paar keer opgestoten waarna die vervolgens snel weer in het helm plofte waardoor we dachten dat de vogel in ieder geval nog dichtbij zou moeten zijn. Waarschijnlijk was de vogel echter aan het einde van z’n Latijn (of niet schuw) omdat hij pas vlak voor je voeten á la bokje (maar dan weer een héél stuk kleiner) opvloog.
Echt heel jammer en ook spijtig dat we destijds niet goed hebben gehandeld. Roelof wees me er later op het terras op dat ik iedereen gewoon had moeten mobiliseren waardoor een “big sweep” zou kunnen worden georganiseerd. “Sorry medevogelaars dat ik jullie een mogelijke Siberische sprinkhaanzanger door de neus heb geboord….!!!!“
De dag was inmiddels vergevorderd en de puf was er wel een beetje uit. Met een iets te stille trom wat het gevolg van hard vogelen in combinatie met een avondje Tante Pé was, vertrokken we uiteindelijk van het eiland, een nieuwe soort in de vorm van de raddes boszanger echter rijker! Volgend jaar weer Geert en Harm?

Geen opmerkingen:

Een reactie posten